Opmaak kopiëren/plakken

Met de functie ‘Opmaak kopiëren/plakken’ in PowerPoint kun je de stijl van tekst, alinea’s en objecten snel en eenvoudig naar andere delen van je presentatie kopiëren. Dit bespaart je tijd en zorgt ervoor dat je presentatie er consistent uitziet.

Stappen om opmaak te kopiëren en plakken
  1. Selecteer de brontekst of het object: Begin door de tekst, alinea of het object te selecteren waarvan je de opmaak wilt kopiëren. Dit kan bijvoorbeeld de opmaak van een specifieke alinea, een vorm, of zelfs een afbeelding zijn.
  2. Ga naar het tabblad ‘Start’: Zorg dat je op het tabblad ‘Start’ zit in de bovenste balk van PowerPoint.
  3. Gebruik de ‘Opmaak kopiëren’ knop: In de groep ‘Klembord’ zie je een pictogram van een kwast (de ‘Opmaak kopiëren’ knop). Klik op deze knop om de opmaak van het geselecteerde element te kopiëren.

Opmaak kopiëren/plakken in PowerPoint

  1. Plak de opmaak op een ander element: Je cursor verandert nu in een kwastje. Klik op de tekst, alinea of het object waar je de gekopieerde opmaak wilt toepassen. De stijl wordt direct overgenomen.
  2. Opmaak meerdere keren toepassen: Als je dezelfde opmaak op meerdere plaatsen wilt toepassen, dubbelklik je op de ‘Opmaak kopiëren’ knop. Hierdoor blijft de opmaak actief totdat je de functie handmatig uitschakelt door op ‘Esc’ te drukken of op de knop opnieuw te klikken.
  3. Plak de opmaak op meerdere elementen: Terwijl de functie actief is, kun je nu op meerdere tekstvakken, alinea’s of objecten klikken om de opmaak telkens opnieuw te plakken.
  4. Beëindig de functie: Druk op ‘Esc’ of klik opnieuw op de ‘Opmaak kopiëren’ knop om de functie uit te schakelen wanneer je klaar bent.
Tips
  • Consistentie in je presentatie: Door de ‘Opmaak kopiëren’ functie te gebruiken, kun je gemakkelijk een uniforme stijl aanhouden door je hele presentatie, wat zorgt voor een professionelere uitstraling.
  • Opmaak van objecten kopiëren: Deze functie werkt niet alleen voor tekst, maar ook voor vormen, afbeeldingen en andere objecten. Dit is handig als je bijvoorbeeld dezelfde rand- of schaduwstijl wilt gebruiken voor meerdere objecten.
  • Sneltoets: Je kunt de functie ook activeren met de sneltoets Ctrl+Shift+C om te kopiëren en Ctrl+Shift+V om de opmaak te plakken.

Met deze stappen kun je de opmaak van elk element in PowerPoint eenvoudig kopiëren en toepassen, wat je helpt om een consistente en professionele presentatie te creëren!



Template gebruiken

Wat is een PowerPoint template en hoe kun je deze gebruiken.

Wanneer je een template gebruikt is het soms moeilijk om te weten hoe het werkt en hoe je er het beste mee overweg kunt gaan. In deze handleiding gaan we over de belangrijkste functies en eigenschappen en vertellen we hoe de PowerPoint templates werken.

Er zijn verschillende namen die gebruikt worden, de meest gebruikte zijn: template, diamodel en sjabloon. Deze duiden allemaal op hetzelde en zijn enkel andere omschrijvingen hiervoor. Wij gebruiken voornamelijk te namen Template en Diamodel (aangezien dit de naam is die PowerPoint ook vaak gebruikt).
Laten we eerst een kijkje nemen naar de basis van de PowerPoint templates om vervolgens wat meer de diepte in te gaan op wat je ermee kunt.

PowerPoint template

Wanneer je een PowerPoint template gebruikt is het als eerste handig om deze in te stellen in PowerPoint zodat je deze makkelijk kunt gebruiken. Hier hebben we een handleiding voor geschreven, deze vind je hier. Dit zorgt ervoor dat je vanuit het start scherm van PowerPoint het template kunt kiezen om hiermee te werken. Dit opent een kopie van het template zodat je niet in het origineel zit te werken.
Wanneer je dat hebt kun je beginnen met het toevoegen van de benodigde slides.

Slides toevoegen

Onder start vind je de knop “Nieuwe dia” als je hier op klikt dan krijg je een lijst met de beschikbare slides te zien. Hier kun je op de gewenste slide klikken om deze toe te voegen aan je presentatie.

Deze slides worden toegevoegd achter de slide die je geselecteerd hebt, maar als je tussen twee slides klikt en dan een slide toevoegt dan zal deze er op de geselecteerde plek tussen komen te staan.

Template-nieuwe-slide-toevoegen

Nu kun je beginnen met het invullen van de slides. Wil je weten hoe je afbeeldingen of grafieken toe kunt voegen kijk dan naar onze andere handleidingen waar we je helpen om dit toe te voegen.



Sneltoetsen PowerPoint

PowerPoint kent veel verschillende toets combinaties waarmee je sneller en efficiënter werkt, hier zijn de beste en belangrijkste sneltoetsen.

Shortcuts (sneltoetsen) zijn combinaties van verschillende toetsen, die ervoor zorgen dat je sneller en gemakkelijker bepaalde acties kan ondernemen zonder je muis te gebruiken. Als je deze combinaties beheerst gaat je werktempo erg omhoog en wordt het PowerPoint programma stukken makkelijker om te gebruiken. Hier zijn de meest frequent gebruikte shortcuts in het programma voor Mac en Windows.

Ctrl + B / Cmd + B Geselecteerde tekst bold maken.
Ctrl + X / Cmd + X Knip geselecteerde tekst, object of slide.
Ctrl + C / Cmd + C Kopieer geselecteerde tekst, object of slide.
Ctrl + V / Cmd + V Plak geselecteerde tekst, object of slide.
Ctrl + A / Cmd + A Alles selecteren
Ctrl + Z / Cmd + Z Vorige actie ongedaan maken.
Ctrl + S / Cmd + S Presentatie opslaan.
Page Down Ga naar de volgende slide.
Page Up Ga naar de vorige slide.
F5 Presentatie starten vanaf het begin
Shift + F5 Presentatie starten vanaf de huidige dia
Shift + Alt + Pijltoetsen Het inspringniveau van teksten veranderen
Ctrl + Shift + C Kopieer de opmaak van een element of tekst
Ctrl + Shift + V Opmaak van een element of tekst plakken
Alt + Shift + C Animatie kopiëren
Alt + Shift + V Animatie plakken
Ctrl + Shift + G Objecten groeperen
Ctrl + Shift + h Groep opheffen
Shift + Pijltoetsen Selectie verschalen
Ctrl + Pijltoetsen Selectie verplaatsen in kleine stappen
Alt + Pijltoetsen Selectie draaien



Template toevoegen aan start

Wanneer je een PowerPoint template hebt kun je deze gebruiken om snel en makkelijk een presentatie te gebruiken. Maar hoe kun je optimaal gebruik maken van een template en hoe kun je deze vastzetten in PowerPoint?

Het voordeel van een presentatie template wat vastgezet zit in PowerPoint is dat je bij het opstarten van PowerPoint dit sjabloon kunt selecteren en er dan gelijk in zit te werken. Wanneer je deze aanklikt krijg je een kopie van de originele PowerPoint presentatie te zien, hierdoor zit je niet in het bron bestand te werken en kun je alles doen en veranderen zonder consequenties voor het template.

Template/ Diamodel toevoegen en gebruiken
  1. Open het gewenste Template/ Diamodel en ga naar: “Bestand”. Vervolgens kies je voor: “Opslaan als”.
  2. Klik onder “Opslaan als” op de pijl-omlaag en selecteer “PowerPoint-sjabloon (.potx)”. De bestandslocatie verandert automatisch. Let op! Wijzig deze locatie niet. Sluit PowerPoint na het opslaan volledig af (dit geldt ook voor andere geopende presentaties)
  3. Start PowerPoint vervolgens opnieuw op. Telkens wanneer je PowerPoint opent, wordt een groot venster weergeven met alle beschikbare thema’s. Blijf in dit venster voor de volgende instellingen.
  4. Klik vervolgens op: “Meer thema’s” en ga naar het tabblad: “Prive” (in sommige gevallen “Persoonlijk”).  Hier zou je het zojuist opgeslagen Template/ Diamodel terug moeten kunnen vinden.

Sjabloon-toevoegen

  1. Wanneer je het Template/ Diamodel hebt gevonden, dubbelklik je erop en de presentatie wordt automatisch geopend in de geselecteerde Template / Diamodel.
  2. Op deze manier kan je altijd Template/ Diamodel aanroepen en gebruiken.
Voordelen PowerPoint template

Wat kun je met een PowerPoint template en wat is het grote voordeel om deze te gebruiken over een normale presentatie?

  • Wanneer je een PowerPoint presentatie opslaat als een template (dit is een .potx bestand) en daarna opent niet het origineel opent maar een kopie. Dit zorgt er voor dat je in plaats van in het originele bestand te werken in een kopie zit te werken en jouw veranderingen geen invloed hebben op het template.
  • Bij een template maak je gebruik van diamodellen. Dit zijn de basis van je slides die je toe kunt voegen aan je presentatie. Deze basis slides vind je in het lint bij “Start” onder de knop “Nieuwe dia”. Als je een slide toevoegt krijg je een slide zonder tekst en afbeeldingen in de lay-out die jij geselecteerd hebt.
  • Als je in de Diamodellen gebruik maakt van plaatst houdende afbeelding kaders kun je afbeeldingen invoegen in de slide door op het icoon te klikken of afbeeldingen naar de slide te slepen. Deze afbeeldingen komen dan precies te staan waar je ze hebben wilt in de lay-out en stijl van het template.

Lees onze andere artikelen voor meer informatie over het gebruiken van een template.